Moet de oude zenuwarts terugkomen?

“Psychiaters en psychologen gaan zelden na of er sprake is van hersenletsel en zo, ja welk deel van de hersenen zijn uitgevallen. Deden zij dat wel, dan zouden ze meer de link leggen met hersenletsel, en dus betere uitspraken kunnen over welke cognitieve en communicatieve functies bij het hersenletsel passen en welke niet. Wellicht moet de oude functie van zenuwarts terugkeren. Dat beroep was een combinatie van de beroepen neuroloog en psychiater. Nu heeft een uitsluitend psychiatrische diagnose een voorspellende waarde van 4 procent op de behandelduur. Dat wil zeggen bij vier op de 100 patiënten is de behandelduur juist te voorspellen Wordt er ook naar de cognitieve stoornissen gekeken (o.a. geheugen, aandacht), dan kom je op 30% (eigen onderzoek).  Echt, die ouderwetse scheiding van lichaam en geest volgens Descartes: daar moet de ggz vanaf.”

Aan het woord is Frank Jonker, gepromoveerd klinisch neuropsycholoog bij Neuropsychiatrie, Vesalius te Woerden en met poliklinieken in Amsterdam en Amersfoort. Het centrum diagnosticeert en behandelt psychiatrische stoornissen als gevolg na hersenletsel. (NAH). Neuropsychiatrie Vesalius is een onderdeel van GGZ instelling Altrecht. 

Jonker is de inhoudelijk leidinggevende van Vesalius. Ik interview hem samen met Hans Schriever, als B-verpleegkundige opgeleid en nu poli coördinator van de afdeling. Twee bevlogen professionals aan het hoofd van een florerend centrum.  Dat groeide van drie fte in 2012 naar zeventien fte nu. De ambitie is door te groeien naar ongeveer 30 personen. Ik interview Hans en Frank  voor een serie voorbeschouwingen  op het congres Ambulantisering  van de GGZ: wat gaat goed en wat kan beter?  

Hoe hebben jullie de ambulantisering sinds 2012 ervaren?

“Wij hadden 52 bedden. Die hebben wij allemaal reeds in 2011 gesloten. Toen zijn wij begonnen poliklinisch te werken. Thans zien wij 400 tot 500 patiënten per jaar, waarvan ongeveer 350 nieuw zijn, Wij wisten in 2011 niet waaraan wij begonnen. Er waren geen voorbeelden en geen theoretische modellen. We hadden wel enige bravoure: we waren trots op ons klinisch (behandel) verleden.  We hadden al een goede naam bij onze verwijzers.  Die dachten nog tot in 2016 dat wij ook patiënten opnamen.  Maar sinds 2011 werken wij echt alleen poliklinisch. Voor ons centrum betekende de ambulantisering de start van een periode van bloei en groei.” 

Holistische benadering

“Belangrijk uitgangspunt was in 2011 de invoering van de holistische benadering. We lopen er nog steeds tegen aan: het lijf wordt behandeld in het ziekenhuis en de geest in de ggz. Er bestaat een grote muur. Wij zien hier vaak patiënten bij wie er sprake is van een ernstige psychische stoornis en duidelijk beschreven NAH (b.v. klap op het hoofd en in coma geraakt) waarbij de link niet is gelegd tussen symptomen en letsel. Wij indiceren vaak een MRI om na te gaan of er sprake is van NAH bij positieve anamnese. Maar wij moeten dan die scans daarover speciaal nog opvragen.  Het beeld dat een MRI overbodig is in de GGZ is heel hardnekkig, ook hier is er een scheiding tussen ziekenhuis en psychiatrie. “Daarna vervolgt Jonker met het betoog waarmee dit interview begint. 

Wat kan beter bij die ambulantisering? 

Sleutelwoorden bij ons zijn opschaling en afschaling. Veelal ontvangen wij patiënten die niet meer alleen in een revalidatiecentrum of in de basis-GGZ te begeleiden of te behandelen zijn. Dat heet opschaling: wij zijn een expertisecentrum. Dan komen patiënten gedurende een aantal maanden naar Vesalius voor intensieve multidisciplinaire behandeling.  Wij zetten in op het accepteren en hanteerbaar maken van de beperkingen en benutten de mogelijkheden van de patiënt. Hersenletsel is een chronische aandoening en waar de symptomen- psychische stoornissen goed passen in de curatieve behandeling. Wij streven naar een samenhangende zorg-leefplan voor de toekomst. 

Afschaling

Dan komt de afschaling, bij afname van complexiteit of intensiviteit van de behandeling moet wij afschalen omdat de problematiek niet meer past in de specialistische GGZ   Patiënten kunnen terug naar de Basis GGZ, het fact-team of naar de huisarts en diens ondersteuner voor de GGZ.   Welnu, die afschaling kan beter. De overdrachten zijn niet warm omdat er op dit moment geen BGGZ neuropsychiatrie is waarna wij goed kunnen afschalen. Er moet veel onderhandeld worden omdat hersenletsel bij de meeste verwijzers een exclusie is. 

In de BGGZ ontbreekt regelmatig samenhangende kennis van lichaam en geest. En dan is er nog het probleem van de drie wetten waaruit de zorg aan onze patiënten wordt betaald. Er is een hoop gedoe met de Wmo, de Wet Langdurige Zorg (WLZ) en de Zorgverzekeringswet in de periode na de afschaling. 

Hoe nu verder?

Wij zien graag netwerken tot stand komen zoals we nu hebben in Amsterdam, Woerden en Amersfoort. Met goede samenwerking met revalidatie-artsen en neurologen en andere netwerkpartners. En met veel herstel ondersteunende zorg en activerende therapieën, zonder hokjesgeest, die de toegang en doorstroom tot (en in) de zorg belemmert. Want die leidt ertoe dat patiënten soms een te brede en soms een te smalle problematiek kennen.  Ook zouden NAH fact-teams in kader van afschalen (preventieve werking) een goede ontwikkeling zijn zodat een patiënt zonder paardensprongen over kan stappen naar een andere hulpverlener of snel toegang heeft tot SGGZ zorg als dat nodig is.  

Waar moet het congres vooral overgaan?

Frank Jonker: Ik zou graag aan een sessie deelnemen over het thema Redefining Psychiatry. We moeten, vanuit ons perspectief, veel meer de somatiek en de psychiatrie samen brengen.  Hans Schriever: Vòòr de ambulantisering was onze patiëntenzorg begrensd door het fysieke gebouw waarin de 52 bedden stonden, wij waren voornamelijk klinisch bezig en hadden geen oog voor de buitenwereld.  Na de afbouw van de bedden konden wij onze vleugels uitslaan (behandel producten ontwikkelen en netwerk opbouwen) en poliklinieken openen in Amsterdam en Amersfoort. Daardoor konden wij groeien van drie naar zeventien fte’s en binnenkort nog verder.  Anno 2019 woedt de discussie over regionalisatie in de ggz. Ik mag toch hopen dat Vesalius kan doorgroeien en dat haar werkgebied verder bovenregionaal kan ambulantiseren .  Ik hoop dat het congres op 6 maart niet gaat over regionalisatie maar over netwerkzorg in de GGZ.  

Dit is een interview in een serie van voorbeschouwingen voor het congres op 26 maart 2020.  Eerdere afleveringen betroffen interviews met Jeroen Muller,  bestuursvoorzitter van Arkin, ggz instelling te Amsterdam: Adriaan Janssen, bestuursvoorzitter van de instelling GGZ Friesland; Ariette van Reekum , oud-bestuursvoorzitter van Breburg, ggz instelling in Brede en Tilburg; Jim van Os, hoogleraar psychiatrie bij het UMC Utrecht. Hun bevindingen reiken wij aan de sprekers op het congres aan in de hoop dat zij daarover in discussie gaan met congres deelnemers.    

VWS-Staatssecretaris Paul Blokhuis opent het congres op 26 maart. Na hem komen tal van goede voorbeelden in plenaire en parallelsessies aan de orde. Wil in één dag over de ambulantisering van de ggz sinds 2012 bijgepraat worden? Wil je met collega’s en experts vooruitblikken over de periode 2020 – 2030? Klik dan hier, lees de enthousiast brochure, meld je aan en doe op 26 maart nieuwe kennis(sen) op. 

Geef een reactie

XHTML: U kunt de volgende tags gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>